Particulier onderwijs heeft een belangrijke rol in de opscholing van werkenden. Deze rol is in de afgelopen jaren ten opzichte van het reguliere onderwijs relatief onderbelicht gebleven. De ontwikkeling van het NLQF (Nederlandse nationale kwalificatiekader Leven Lang Leren) biedt de particuliere aanbieders kansen om de kwalificatiewinst via het particuliere aanbod van opleidingen en trainingen zichtbaar te maken aan de samenleving.
Naast de reguliere kwalificaties en de bijbehorende diplomastructuur (het formeel onderwijs) draagt ook het non-formeel onderwijs bij een verbreding en verhoging van het competentieniveau van de deelnemer. Het maatschappelijk rendement van deze activiteiten blijft echter relatief onzichtbaar. Door inschaling in het NLQF zullen niveaus van opleidingen in het non-formele onderwijs benoemd kunnen worden. Daardoor ontstaat een beter zicht op de maatschappelijke waarde ervan en wordt de aantrekkelijkheid voor individuen en werkgevers om deel te nemen vergroot.
In opdracht van het Ministerie van OCW is een verkenning uitgevoerd naar de mogelijkheden om non-formele opleidingen in het (nog te ontwikkelen) NLQF in te schalen. Vanuit deze verkenning zijn een aantal aanbevelingen gedaan aan de overheid en het NRTO.Met de resultaten van deze erkenning willen de aanbieders van non-formele opleidingen vanuit de werkgroep in 2010 in samenwerking met de overheid concrete stappen zetten in het realiseren van een NLQF, dat dan ook het aanbod van non-formele opleidingen omvat.
O&K juicht dit initatief toe en zal de ontwikkelingen op de voet volgen.
O&K juicht dit initatief toe en zal de ontwikkelingen op de voet volgen.
Uit: Leren in Organisaties, mei 2010
Het rapport “Een kader dat niet knelt” is te downloaden op www.cinop.nl
Geen opmerkingen:
Een reactie posten